CFUcrops DRY: Veerkrachtig en klimaatbewust omgaan met variabiliteit in de microbiologische belading van droge plantaardige grondstoffen in de bedrijfsvoering

Met de steun van:

VLAIO logo

CFUcrops DRY is een vierjarig LA‑project dat onderzoekt waarom de microbiologische belasting van droge plantaardige grondstoffen zoals boon, erwt en soja zo sterk varieert. Die hoge en wisselende druk vormt een uitdaging voor producenten van plantaardige eiwitingrediënten. Het project bestudeert de impact van teelt, klimaat en post‑harvestprocessen en ontwikkelt praktische mitigatiestrategieën, GLP/GMP‑richtlijnen en een gebruiksvriendelijke tool om verwerkers te ondersteunen.

Waarom dit project?

De sector voor plantaardige eiwitrijke grondstoffen groeit snel, maar wordt gehinderd door hoge en sterk variërende microbiële belading op Vlaamse sojabonen, erwten en droge bonen. Deze variabiliteit zorgt voor onvoorspelbare processtappen, verhoogde risico’s op voedselveiligheidsproblemen, kwaliteitsverlies en economische schade.

Het project beantwoordt de dringende vraag naar een ketenbreed inzicht in microbioomvariatie én naar concrete handvatten voor telers, verwerkers en afnemers.

Onderzoeksaanpak en verwachte resultaten

Dit LA-traject onderzoekt de volledige keten van het veld tot en met de eerste verwerkingsstappen. Dit omvat het traject van teelt, oogst, opslag, triage, opschoning en initiële verwerking. Daarbij worden veldgegevens verzameld, post‑oogstprocessen geanalyseerd, microbiologische kenmerken in kaart gebracht (waaronder de aanwezigheid van bacteriegroepen zoals Bacillus) en worden deze inzichten verder uitgewerkt via proces‑ en datamodellering.

Doorheen het project wordt een lerend netwerk opgebouwd waarin landbouwers, bedrijven en onderzoekers kennis uitwisselen. Op meerdere momenten tijdens de projectperiode worden stalen genomen bij landbouwers, stalen verzameld tijdens post‑oogstprocessen en analyses uitgevoerd op grondstoffen die bedrijven aanleveren. De verzamelde gegevens worden verwerkt tot geïntegreerde inzichten en modellen.

De ontwikkelde kennis en hulpmiddelen worden breed gedeeld en vertaald naar de praktijk. Tegen het einde van het project worden onder meer de volgende resultaten opgeleverd:

  • een voorspellend model en een onderbouwde aanpak waarmee bedrijven hun processen kunnen aanpassen wanneer de microbiologische belasting van grondstoffen hoog is;
  • een gebruiksvriendelijke digitale toepassing waarmee landbouwers en bedrijven zelf scenario’s kunnen verkennen;
  • duidelijk uitgewerkte richtlijnen voor goede landbouwpraktijken en goede verwerkingspraktijken, aangevuld met een praktische Code of Practice;
  • feedbackrapporten voor individuele landbouwers en bedrijven, aangevuld met studiedagen en kennis­sessies voor de volledige keten.
     

Doelgroep

De resultaten zijn relevant voor de hele keten van droge plantaardige grondstoffen: telers, telersverenigingen, post‑harvestbedrijven (drogen, triëren, opschonen), producenten van plantaardige eiwitingrediënten en alternatieven, voedingsbedrijven die werken met erwt/soja/bonen, retail, kennisinstellingen en sectororganisaties zoals Boerenbond.

Projectpartners

Deelnemen?

Deelnemers worden lid van de gebruikersgroep/ begeleidingsgroep en nemen deel aan lerende netwerksessies, excursies, feedbackrondes en demo‑activiteiten. Ze ontvangen updates, feedbackrapporten en krijgen toegang tot ontwikkelde tools en richtlijnen.

Deelnameprijs en voorwaarden

Voor deelname aan het project wordt een projectbijdrage gevraagd, gecombineerd met een lidmaatschap van Flanders’ FOOD. Voor info over kostprijs en voorwaarden: contacteer Heleen Imschoot. 

Contactpersonen Flanders' FOOD

Heleen Imschoot

Heleen Imschoot

innovation manager

Steven Van Campenhout

Steven Van Campenhout

programme manager