CFUcrops WET: Veerkrachtig en klimaatbewust omgaan met variabiliteit in de microbiologische belasting van natte plantaardige grondstoffen in de bedrijfsvoering

Met de steun van:

VLAIO logo
CFUcrops WET

CFU Crops WET is een vierjarig VLAIO‑LA‑project dat onderzoekt waarom de microbiologische belasting van natte plantaardige grondstoffen (zoals groenten en kruiden) zo sterk varieert tijdens de eerste stappen van de verwerkende keten. Door klimaatverandering, teeltpraktijken en bewaartemperaturen wordt kwaliteit steeds minder voorspelbaar. Het project verenigt telers, post‑harvestbedrijven, verwerkers en onderzoekers in een lerend netwerk om factoren die de microbiële kwaliteit beïnvloeden beter te begrijpen en nieuwe GLP/GMP‑benaderingen, mitigatiestrategieën en datagedreven tools te ontwikkelen- met als doel een constantere, veiligere en klimaatbestendigere keten.

Waarom dit project?

De groente- en kruidenketen wordt steeds vaker geconfronteerd met onvoorspelbare variatie in de microbiologische belasting van grondstoffen. Klimaatverandering, duurzame teeltpraktijken, irrigatie, bodemcondities en variabele oogst‑ en bewaarsituaties zorgen ervoor dat grondstoffen die er visueel perfect uitzien toch kunnen leiden tot verhoogde bederfkans, kwaliteitsverlies of voedselveiligheidsproblemen. Dit maakt het voor telers, verwerkers en vierdegamma‑bedrijven steeds moeilijker om stabiele kwaliteit te garanderen en aan houdbaarheidsvereisten van retail en consumenten te voldoen.

Vandaag ontbreken duidelijke inzichten, datagedreven tools en praktische richtlijnen die verklaren hoe het groente‑microbioom verandert van veld tot de eerste verwerkingsstappen en hoe bedrijven hier veerkrachtig kunnen op inspelen. Hierdoor ontstaan risico’s, conflicten in de keten en economische verliezen door productuitval. 

CFUcrops WET biedt een oplossing door ketenbreed onderzoek, nieuwe microbiologische benaderingen en GLP/GMP‑richtlijnen te combineren met een lerend netwerk waarin telers, onderzoekers en bedrijven samen strategieën ontwikkelen om variabiliteit te beheersen. Het project ondersteunt zo een klimaatslimme, duurzame en voorspelbare groenteverwerking voor Vlaanderen.
 

Onderzoeksaanpak en verwachte resultaten

Binnen dit LA‑traject combineren we ketenbreed onderzoek met praktijkgerichte co‑creatie. De factoren, die de microbiële belasting van natte plantaardige grondstoffen beïnvloeden, worden systematisch onderzocht. Vier case producten zijn geselecteerd : wortelen, uien, sla (bladgroente) en peterselie (kruiden). We voeren uitgebreide veld‑ en naoogst staalnames, analyseren de samenstelling van het microbioom over tijd, en brengen de impact van klimaatslimme landbouwpraktijken, bewaartemperaturen, was‑ en snijprocessen en hygiëne van machines en containers in kaart. De data worden geïntegreerd in ingenieursmodellen die helpen voorspellen hoe variabiliteit optreedt en hoe bedrijven hun processen flexibel kunnen aanpassen aan wisselende grondstofkwaliteit. Parallel worden GLP- en GMP‑richtlijnen, feedbackrapporten en praktische adviezen ontwikkeld voor telers, afnemers en verwerkers. Via het lerend netwerk en de begeleidingsgroep worden resultaten continu getoetst aan de praktijk, zodat mitigatiestrategieën mee gevormd worden door de sector zelf. Disseminatie gebeurt onder meer via workshops, excursies, studiedagen, MOOC‑opnames, podcasts en een toegankelijke toolset. Tegen het einde van het project willen we een praktisch toepasbaar model, een gebruiksvriendelijke beslissingsondersteunende tool, een Code of Practice en sectorbreed gedragen GLP/GMP‑richtlijnen opleveren, zodat de keten veerkrachtiger, voorspelbaarder en kwaliteitsgedreven kan werken om minder voedselverlies te hebben en ook afspraken binnen de keten helder te hebben.

Doelgroep

De resultaten van het LA‑traject CFU WET zijn relevant voor de hele groente‑ en kruidenketen, van primaire productie tot verwerking en afzet. Ze bieden meerwaarde voor telers en hun organisaties, die beter inzicht krijgen in hoe teelt‑ en klimaatfactoren het microbioom en de grondstofkwaliteit beïnvloeden; bedrijven actief in na-oogstbehandeling, die hun was‑, koel‑ en snijprocessen kunnen afstemmen op variabele microbiële belasting; vierdegamma‑ en kruidenverwerkers, die kampen met bederf en houdbaarheidsproblemen; retail, dat baat heeft bij stabielere kwaliteit en minder derving; onderzoeksinstellingen zoals UGent, Inagro en ILVO, die de opgedane kennis verder vertalen naar innovatie; en sectororganisaties zoals REO, Boerenbond en Vegaplan, die de inzichten kunnen opnemen in sectorgidsen en lastenboeken voor brede toepassing.

Projectpartners

  • Flanders’ FOOD is verantwoordelijk voor projectcoördinatie & beheer, de organisatie van een lerend netwerk, disseminatie & valorisatie en zordgt voor verbinding tussen telers, verwerkers en onderzoeksinstellingen.
  • Universiteit Gent – Vakgroep Levensmiddelentechnologie, Voedselveiligheid & Gezondheid staat in voor de microbiologische analyses, modelontwikkeling, kwaliteit & voedselveiligheid, feedbackrapporten en de studiedag plant‑ vs. voedselmicrobiologie.
    Contactpersonen:
    Prof. Liesbeth Jacxsens — Liesbeth.Jacxsens@UGent.be  
    Prof. Imca Sampers — Imca.Sampers@UGent.be 
    Prof. Frank Devlieghere — Frank.Devlieghere@UGent.be  
    Prof. Andreja Rajkovic — Andreja.Rajkovic@UGent.be
  • Inagro zorgt voor verbinding met de primaire sector, veldbemonstering, input voor GLP‑richtlijnen en advies rond klimaatslimme landbouwpraktijken.
    Contactpersoon:
    Tim De Cuypere — tim.de.cuypere@inagro.be  

Deelnemen?

Voor deelname aan dit LA‑traject wordt een projectbijdrage gevraagd, gecombineerd met een verplicht lidmaatschap van Flanders’ FOOD.

Deelnameprijs en voorwaarden

Voor meer informatie over de kostprijs en de toepasselijke voorwaarden kan contact worden opgenomen met Heleen Imschoot

Contactpersonen Flanders' FOOD

Heleen Imschoot

Heleen Imschoot

innovation manager

Steven Van Campenhout

Steven Van Campenhout

programme manager