Alles over Andere

Artikels over Andere

  • Dit was het i-FAST Slotevent
    05 02 2020

    I-Fast slotevent de movies

    Omdat beelden zoveel meer zeggen dan woorden. 

    Overzichtsvideo van het sloteventsfeervideo van het slotevent

     

    ONDERZOEKERS EN BEDRIJVEN AAN HET WOORD

    Na een inleiding door Flanders’ FOOD innovatiemanager en coördinator van het project Veerle De Graef kwamen de onderzoekers van de verschillende onderzoeksgroepen aan het woord. Zo was er Paul Van Der Meeren van de UGent met een toelichting over de structuurbepaling van emulsies met lage resolutie NMR. Wouter Saeys (KULeuven-Mebios) en Andy Lambrechts (imec) diepten de mogelijkheden van draagbare (hyper) spectrale analyse uit en tot slot nam Pieter Verboven van de KULeuven ons mee in de toepassingen van 3D X-stralen tomografie voor bijvoorbeeld vreemde voorwerpendetectie in 'poreuze' levensmiddelen. Voor elke validatietraject (FYSTEM, MOBISPEC, X-FAST) kwamen bedrijven getuigen over wat dit project voor hun betekend heeft. We danken de mensen van Vandemoortele, La William, Engilico, Octinion, Dossche Mills en Gudrun voor hun bijdrage.

    DE I-FAST ISLANDS FAIR

    Op deze mini-beurs kon men tijdens een twee uur durende ‘cruise’ langs 5 eilanden kennis maken met tal van projecten die gekiemd zijn uit het i-FAST project. Flanders’ FOOD ‘captains’ namen de bezoekers mee langs alle standen. Naast de posters en de toelichtingen door de project-trekkers waren er tal van technologische demo’s te zien. 

    Dit was er allemaal te zien...

    THE ELECTROMAGNETIC SPECTRUM WALL

    Deze indrukwekkende 'wall' toonde voor elk golflengtegebied wat de mogelijke toepassingen zijn van de verschillende types ‘stralen’, van X-stralen tot radiogolven, voor de inspectie en analyse van voeding. Een hele reeks demo's maakten de technologie 'zichtbaar'. Uit dit project ontstond een héél concrete en veelbelovende toepassing, ontwikkeld door Engilico en Mebios: de inspectie van de lasnaden van thermoform verpakkingen, met hyperspectraal technologie.

    HET HUMAN CENTERED ISLAND

    • WIFI2020: een traject naar meer ‘werkbaar werk’ in je bedrijf via een lerend netwerk met andere bedrijven. Samen nadenken over een meer innovatieve arbeidsorganisatie
    • de Vlaio proeftuin Augmented & Mixed Reality van de Uhasselt
    • Het nieuwe project Operator 4.0 over het koppelen van de ‘technologische’ en de ‘sociale’ kant van digitalisatie binnen de voedingsbedrijven.
    • Het Colrobfood project over het de mogelijkheden voor het inzetten van Cobots in de voedingsindustrie

    HET CIRCULAIRE ISLAND

    • Het project Smart Wateruse, over het aanpakken van de waterrisico’s en het slim omgaan met water binnen de sectoren van (zee-)voeding, aquacultuur, textiel en toerisme.
    • Het project Sucr’Eau: waterhergebruik en valorisatie van de nevenstroom bij de tweede blancheerstap in de aardappelverwerkende industrie
    • De MIP (Molecular Imprinted Polymer) techniek voor controle van proceswater op pesticiden of andere stoffen
    • Het Circopack project voor de ontwikkeling van een scan voor bedrijven om meer doordachte keuzes te maken rond duurzaam materialenbeheer voor voedselverpakkingen
    • De ion sensor technologie van imec voor het meten van chemische parameters in vloeistoffen

    HET DIGITAL ISLAND

    • Het nieuwe project Digitr@ck voor het bevorderen van de digitale maturiteit van bedrijven door middel van een scan en een stappenplan
    • Mogelijkheden van Artificiële Intelligentie voor toepassingen in de voedingsindsutrie

    HET SMART ISLAND

    • Het project Sensinfood dat focust op de problem solving bij het integeren van sensoren in je productie
    • De Vlaio proefuin Living Lab Agrifood 4.0 in de Food Pilot (www.foodpilot.be), over in-line metingen, visiesystemen en dataverwerking
    • De MIP techniek voor het zeer gericht opsporen van specifieke peptiden in melk

    HET EUROVISION ISLAND

    • Het S3FOOD project voor Europese KMO's, met onder andere directe financiële steun voor projecten rond sensoren, data en connectiviteit (www.s3food.eu)
    • Het Connsensys project voor het uitbouwen van een Europees netwerk van Living Labs.

    Heeft u interesse om meer te weten te komen over één of meerdere van deze topics ?

    Contacteer Bart Van Damme (bart.vandamme@flandersfood.com).

    DE WINTERBARBECUE

    Tijdens de netwerkreceptie en winterbarbecue, of zeg maar een ‘windbarbecue’, werden nieuwe plannen gemaakt en werd deze mooie dag afgesloten met topgerechtjes en een fijne babbel.

    Tot slot nog enkele sfeerfoto’s.

  • @InfluencermarketingWiki #TheSequel #CasesZijnDeCase

    Influencermarketing is ...

    Bij kerstavond heb ik de ‘vergeten groente schotel met feta en spekjes’ van Libelle lekker en Dippa als apertiefhapjes dat collega’s aanraadden voor Nieuwjaar gegeten. Mijn Vader bereidde hertenragout op basis van een recept in de colruytreclamefolders, een vriend maakte moeilleux zoals beschreven in het boek van zijn bakkersopleiding en mijn meter maakte Kippensoep volgens het oude familierecept. Beïnvloed worden we keer op keer, bewust of onbewust. Influencers kunnen van alle grootte zijn, maar hebben steeds een bepaalde impact. Daarom enkele cases van influencermarkteting dat ik afgelopen weken ben tegen gekomen.

    ... WIN-WIN

    Omdat ik graag eens iets nieuws eet en kook, volg ik enkele food influencers op social media. Eentje hiervan is ‘the_messy_chef_blog’, een Belgische foodblogger & foodtruck eigenaar met als basis Belgische Streetfood. Hij post regelmatig foto’s van nieuwe recepten maar ook persoonlijke foto’s, beide steeds op een bedje van persoonlijke en humoristische verhalen en stevast vergezeld van een vraag voor de volgers om zo een hoge betrokkenheid te creëren (bv “Thumps up als je een bloemkool dipper bent!” of “hoe eten jullie zoete aardappel het liefst?”). Bij hem vind ik enkele facetten terug van influencermarketing terug. Naast het posten van zijn recepten met bepaalde (merk)producten en/of met bepaalde retailers in the picture, kunnen zijn volgers af en toe iets winnen. Hiervoor moeten ze zowel hem als het merk volgen. Bovendien moeten ze 3 vrienden taggen in de post. Dit zorgt ervoor dat de awareness rond dit product groter wordt.

    Jelle Beeckman, The Messy Chef: “Vaak krijg ik mails voor samenwerking van bedrijven en/of PR-bureaus. Maar ga ik hier niet altijd op in. Ik vind het belangrijk dat het merk bij me past, bijvoorbeeld: ik vind het een lekker product of het is een toestel dat ik graag gebruik. De verloning is goed voor de tijd die ik er in steek. Echter is dit voor mij niet de motivatie om met een merk in zee te gaan. Het belangrijkste vind ik de geloofwaardigheid naar mijn volgers en de klik tussen het bedrijf/product en mij. Daarom durf ik soms zelf contact op te nemen bij bepaalde merken om elkaar beter te leren kennen en mogelijks een samenwerking te starten. Zo creëer ik bijvoorbeeld wat content voor kleine restaurants of kookboeken, die ik goed vind, op mijn instagram, om zo wat collega’s te ondersteunen.

    Vervolgens ga ik aan de slag, ik creëer een concept en verhaal rond het merk. Ik heb een goed contact met het merk en hierdoor geeft het merk me ook het vertrouwen en de vrijheid om mijn ding te kunnen doen. Soms kan het zijn dat ze samen met mij vorige acties van collega-influencers overlopen om ervoor te zorgen dat het deze keer weer iets anders is. Ik vraag meestal wat het merk ervan vond, maar hou meer van de directe feedback, reacties en vragen van mijn volgers zelf omdat ik daaraan zie of mijn boodschap is toegekomen. Ook al is dat dan eens dat ze bijvoorbeeld net helemaal geen mosterd-eter zijn of liever alles met de hand klaarmaken. Het is een manier om tot gesprek te komen. Ik ga ook nooit iemand forceren om dezelfde mening als mij te hebben. 

    Dit probeer ik ook steeds teweeg te brengen door leuke verhalen te creëren waardoor het net iets meer is dan ‘standaard reclame’ en steek ik er ook een vraag bij. Hierdoor merk ik ook dat ze heel mijn post lezen en niet enkel mijn foto bekijken. Ik ga niet ontkennen dat het laten winnen van producten grote awareness voor zowel het product als voor mezelf (nieuwe volgers) oplevert, maar ik vind het voornamelijk leuk om iets terug te doen voor mijn volgers.”

    ... nieuwe kookinspiratie

    Op ons event rond het thema Eiwittransitie was ook de Hobbit aanwezig. Je kon je hun tempeh en seitan voelen, proeven en testen. Eerlijk gezegd wist ik niet direct hoe ik met tempeh en seitan (voor mij onbekende producten) aan de slag kon in de keuken. Daarvoor hadden ze een oplossing bedacht: een receptenboekjes gemaakt samen met behulp van influencers. Deze creatieve recepten bieden voor Hobbit de mogelijkheid om mensen, zoals mij, te ondersteunen om met hun producten te koken.

    Edith Gomes, Sales & Marketing Supervisor van de Hobbit: “Onze producten zijn redelijk uniek en onbekend bij de modale mens. Daarom is het nodig om inspiratie te voorzien. Dit doen we door gebruik te maken van influencers die veel kennis hebben van vegetarisch, veganistisch en/of biologisch koken, die met trends bezig zijn en hip zijn. Ze spreken een bepaald publiek aan en informeren deze mensen hoe met deze producten om te gaan in de keuken.

    Bij influencers zoeken we in eerste instantie naar dezelfde waarden die we als bedrijf willen uitstralen. Verder moet deze influencer ook vanuit een bepaalde passie of interesse vertrekken. Aan hun stijl wordt niets veranderd: we laten hen zichzelf zijn. Echter om verschil te krijgen tussen de verschillende posts, krijgen ze wel enkele richtlijnen mee zoals welk type foto (clean of niet, boven- en of zijaanzicht, ...) we verwachten. Al wordt hier in de selectie van de partners in de samenwerking al rekening mee gehouden. Zo weet je dat de foto's van een bepaalde fotograaf die of die stijl zullen aannemen.

    We willen met hun samenwerken en zien ook een win-win voor beiden. Zo geven we steevast vanaf begin mee waarvoor de Hobbit staat en wat de Hobbit juist doet, om zo het volledig plaatje mee te geven. We krijgen creatieve recepten met onze producten terug en kunnen haken aan bepaalde waarden van de influencer (bv. Influencer is bekend voor het bereiden van geschikte maaltijden voor jonge kinderen). Verder kan de influencer zijn/haar imago vergroten door gebruik van nieuwe producten. Tot slot wordt, doordat we het ook delen op onze instagram en facebook pagina, de influencer ook bekender. Mochten onze klanten, zoals maaltijdboxen, geïnteresseerd zijn om de recepten te gebruiken, wordt ook altijd gevraagd om de influencer te vernoemen.”

    #GoedeRaadKanNooitKwaad

    Goede raad: “Voor je begint, speel je best wat Jambers: ‘Wie ben ik, Wat drijft me, ...’ Die dingen moeten terugkomen in de content die je creëert.” – Edith Gomes, Sales & Marketing Supervisor van de Hobbit

    Goede raad: ‘Als merk probeer je best wat research te doen naar de influencer. Zelf probeer ik door wat persoonlijke foto’s ook een blik te geven in wie ik ben en hoe ik denk. Dit is interessant voor mijn volgers maar geeft ook de kans aan bedrijven om de match beter te vinden’ – Jelle Beeckman, The Messy Chef

     

     

  • Voedselbederf: you better watch out!

    Je opent het pakje en ruikt eraan. Dit is een goeie oplossing voor thuis, maar niet voor winkels of verdeelcentra aangezien het openen van individuele verpakkingen een einde brengt aan de beschermende verpakkingsatmosfeer. Toch betekent het gebrek aan een non-destructieve individuele testmethode dat er enorme hoeveelheden voedsel verspild worden. 

    Het Terafood project onderzoekt de ontwikkeling van een sensor die ontluikend voedselbederf binnenin individuele verpakkingen kan detecteren, terwijl de verpakking gesloten en onbeschadigd blijft. De sensor is gebaseerd op de zogenaamde foto-akoestische techniek, waarbij een sensor geluid detecteert dat door moleculen gecreëerd wordt (volatiele organische stoffen, VOS’s), meer bepaald moleculen die als indicator voor voedselbederf gebruikt kunnen worden (zie eerder radar artikel).

    Om dit te kunnen doen hebben we kleine, zeer goedkope en energie-efficiënte sensoren nodig die in de voedselverpakkingen geïntegreerd kunnen worden, zoals bv. een microchip. In de laatste decennia zijn de technologische ontwikkelingen in elektronica ongeëvenaard, denk bv. aan een smartphone die uitgerust is met een groot aantal elektronische sensoren. Terafood onderzoekt het gebruik van silicium fotonische chips. Vergeleken met elektronische chips gebruiken deze dezelfde fabricatietechnologieën, maar manipuleren ze licht in de plaats van elektriciteit. Oorspronkelijk werden silicium fotonische chips voornamelijk in telecom- en datacentra gebruikt om via optische vezels te communiceren. Toch nemen ook sensorische toepassingen in de fotonica snel toe, zoals bv. bloedsuikerspiegel in-situ meten, seksueel overdraagbare infecties detecteren, verschillende chemische bestanddelen opsporen, temperatuur, spanning, nabijheid, … meten.

    Zowel elektronica als fotonica werken met elektromagnetische golven, met dat verschil dat ze erg verschillende frequenties gebruiken wat gevolgen heeft voor hoe ze gecreëerd en gedetecteerd worden. Elektronica gebruiken radiosignalen, wat betekent dat ze werken met antennes en traag bewegende elektrische velden. Fotonica daarentegen gebruiken lasers en fotodetectoren (camera’s).

    Tussen de elektronica en fotonica liggen terahertz frequenties (0.1-10 THz), wat ofwel waargenomen wordt als licht met een erg lage energie of als radiogolven met een erg hoge frequentie. Het is niet voor de hand liggend om die golven te genereren en te detecteren, meestal worden gekoelde bronnen (en detectoren) gebruikt.

    Terafood ontwikkelt een on-chip sensor die binnenin voedselverpakkingen geplaatst wordt zodat we de versheid van het voedsel kunnen bepalen zonder de verpakking te openen.

    Waarom dan de interesse voor deze omslachtige terahertz frequenties? Eerst en vooral omdat een groot deel van de VOS’s veel karakteristieke absorptielijnen hebben in dit terahertz bereik (de moleculaire vingerafdruk). Ten tweede is het verpakkingsmateriaal dat doorgaans voor voeding gebruikt wordt transparant voor terahertz golven, wat betekent dat een extern uitleessysteem gebruikt kan worden zonder de verpakking te openen (compatibel met een passieve sensor binnenin). Dit is ook zo voor bv. HDPE dat er voor ons donkerzwart uitziet, maar transparant is voor terahertz golven.

    Bovendien kunnen we de sensor gevoelig genoeg maken om te werken met weinig energie, waardoor die compatibel is met goedkope, maar zwakke, elektronische bronnen. Zo kunnen we de nood aan cryo-gekoelde detectoren omzeilen door het signaal naar een andere energievorm te sturen, i.e. geluid.

    Dit is de foto-akoestische techniek. Het is een soort van optische spectroscopie aangezien het molecules detecteert op basis van de golflengte van het licht dat het absorbeert. Immers, we maken het mogelijk dat het gas het geabsorbeerde licht omzet in geluid en vervolgens detecteren we dit geluid. 

    Laten we wat dieper ingaan op de fysische mechanismen achter de foto-akoestische sensor. Wanneer gassen een terahertz golf absorberen, resulteert die energie in een temperatuurstijging en, aangezien we werken met gassen, een stijging in druk. Als we nu onze terahertz bron aan- en uitzetten op een specifieke frequentie zullen we drukgolven genereren met dezelfde frequentie. We hebben dan enkel een microfoon nodig die dit signaal detecteert om het succesvol om te zetten, om de terahertz absorptie te detecteren en om te onderzoeken welke gassen aanwezig zijn in de voedselverpakking.

    De terafood sensor moet het mogelijk maken om voedselbederf te testen zonder de verpakking te openen en dus te vernielen. Het beoogt een erg kleine sensor die in situ kan werken en geen speciale, arbeidsintensieve voorbereiding nodig zal hebben. Het gebruik van microchips garandeert een erg lage kostprijs en het gebruik goedkope en energie-efficiënte meettoestellen.

    Als je geïnteresseerd bent om lid te worden van de adviesraad van dit project, neem dan contact op met Isabelle Sioen - Isabelle.Sioen@UGent.be 

    Auteur van dit artikel: Mattias Verstuyft, UGent - mattias.verstuyft@gmail.com

    De contactpersoon bij Flanders’ FOOD voor dit project en het thema is Gus Verhaeghe – gus.verhaeghe@flandersfood.com

    Met de steun van het Europees Regionaal Ontwikkelingsfonds

  • Een nieuw marketing strijdtoneel
    12 09 2017

    Rondkijken

    In het digitale tijdperk wordt het steeds makkelijker om producten en aanbiedingen met elkaar te vergelijken. Klanten zien steeds vaker op sociale media wat vrienden kopen. Zelfs het grootste gewoontedier gaat dan een keer rondsnuffelen.

    Dit terwijl veel merken juist extra investeren in loyaliteit. Tussen 2013 en 2015 was er een stijging van 26%. Dit was mede een reactie op de steeds diffusere aankooppatronen. Meer verkopen aan bestaande klanten leek een overzichtelijke manier om omzet te stimuleren.

    Interessant is dat McKinsey’s eigen loyaltyloop hier aan heeft bijgedragen. In 2009 schreef het bedrijf nog: ‘All marketers should make expanding the base of active loyalists a priority’.

    Weinig loyaliteit

    Maar inmiddels stelt McKinsey dat 58% van de ‘deelnemers’ aan een loyaltyprogramma hier niet eens gebruik van maakt. Van de 30 categorieën die werden onderzocht, bleken er slechts 3 gedreven door loyaliteit.

    http://frislicht.com/wp-content/uploads/2017/02/loyalty-mckinsey2.png

    87% van de klanten bleek eerder aankoopgedrag niet automatisch te herhalen en bewust rond te kijken voor alternatieven. 29% van deze kijkers kwam overigens weer terug bij hun eerdere keuze. Maar de overgebleven 58% koos voor een ander merk.

    Daarmee bleef uiteindelijk 42% toch loyaal. Dit is geen kleine groep. Loyaliteit is dus zeker niet ‘dood’.

    Echter, McKinsey stelt dat het effectiever is om vroeg in de overwegingsset te komen. Merken die vanaf het begin door consumenten worden overwogen, hebben 2 keer zoveel kans gekocht te worden dan merken die later op dit lijstje komen.

    CGI

    Daarmee lijken de consultants de succesindicator van Bain & Company van de troon te willen stoten. Niet NPS (Net Promoter Score, meet de loyaliteit tussen een leverancier en een klant) maar CGI wijst volgens hen de weg naar de regenboog: de Customer Growth Indicator.

    De CGI geeft aan hoe goed het een merk lukt om in de initiële overwegingsset te komen, vergeleken met de concurrentie. De onderzoekers stellen dat CGI voor 60 – 80% het verschil in verkoop verklaart. Dit terwijl NPS ‘slechts’ 20 - 60% hiervan verklaard.

     Aanpak

    http://frislicht.com/wp-content/uploads/2017/02/hyundai.jpg

    Om in de overwegingsset te komen, moet een merk 2 dingen doen. Allereerst is zichtbaarheid belangrijk. Dit kan uiteraard door media in te kopen.

    Maar een innovatieve propositie werkt in dit geval ook goed. Een voorbeeld is Hyundai. Tijdens de recente recessie focuste het automerk slim op de overwegingsset. Het beloofde verkochte auto’s terug te kopen van klanten die hun baan verloren. Het werd daarmee één van de weinige automerken die in deze moeilijke periode wist te groeien.

    Vervolgens is het belangrijk op een slimme manier bekendheid te vertalen naar overweging. Een goed voorbeeld vinden de schrijvers l’Oreal en financiële serviceverlener Charles Schwab. Beide gebruiken sociale media en banners om mensen naar hun sites te trekken. Daar krijgen kijkers handige brand-utilities om meer van het merk te ontdekken. l’Oreal leerde bezoekers bijvoorbeeld op de juiste manier make-up aan te brengen.

    Nieuwe proposities

    Het advies van de auteurs is ‘Build a pipeline of innovative product, service, and brand news’.

    Onderscheidende proposities en merknieuwtjes zijn een belangrijke trigger voor mensen om hun overwegingsset te veranderen. Ze blijven zo ook actiever betrokken bij een merk.

    Dit kunnen nieuwe producten of producteigenschappen zijn. Of nieuwe benaderingen waarmee bestaande producten voor andere klantgroepen relevant worden.

    Creditcardmaatschappijen passen hun proposities bijvoorbeeld regelmatig aan om huidige en nieuwe klanten te stimuleren hun voorkeuren te heroverwegen. Ook Apple heeft een hoge CGI-score dankzij haar innovatieve, onderscheidende producten.

    Kortom: een nieuwe strijdtoneel heeft zich aangediend. En deze strijd wordt ongetwijfeld vervolgd.

     bronnen: Frislicht.com / McKinsey.com

  • Cobots in Logistics
    24 11 2014

    Vanuit het F3 project www.f-3.be maken we de voedingsbedrijven graag attent op een nieuw onderzoeksproject dat in de startblokken staat. Het Vlaams Instituut voor de Logistiek (VIL) lanceert het project ‘Cobots in logistics – werken met een robot als collega’. F3-partner Sirris zal hierin een aantal concrete cases van bedrijven uitwerken. Kunnen robots helpen om mijn logistiek proces efficiënter, betrouwbaar te maken? Zowel intelligente softwareprogramma’s voor stockbeheer als robots voor het behandelen van de producten in een magazijn, bieden veel mogelijkheden voor voedingsbedrijven op weg naar bedrijf van de toekomst. F3 helpt u graag verder als u hierover meer informatie wenst.

    Cobots kunnen eenvoudig taken aangeleerd worden waardoor ze gemakkelijk en snel ingeschakeld kunnen worden en dit tegen een beperkte investeringskost. Met het project ‘Cobots in Logistics’ wil het Vlaams Instituut voor de Logistiek de logistieke sector kennis en praktijkervaring laten opdoen rond de mogelijkheden van deze flexibele service robots.

    De structurele loonhandicap weegt op de productiviteit van de logistieke magazijnoperaties in Vlaanderen. Voor een aantal activiteiten met weinig toegevoegde waarde zouden de (duurdere) arbeidskrachten vervangen kunnen worden door (goedkopere) robots.

    Hierdoor wordt de totale operationele kost verlaagd, waardoor logistieke activiteiten in Vlaanderen kunnen verankerd blijven, wat zelfs voor bijkomende werkgelegenheid kan zorgen. Maar robotica biedt niet alleen de mogelijkheid tot kostoptimalisatie, het kan bijvoorbeeld ook voor een ondersteuning zorgen bij lastige en zware activiteiten en een vermindering van het aantal fouten bij repetitieve taken.

    DEELNEMEN AAN DIT PROJECT?

    U krijgt op een zeer praktische manier onder andere antwoord op volgende vragen: Wat is de state-of-art van de cobots vandaag? Wat zijn de mogelijke toepassingen binnen logistiek en binnen uw operaties? Wat is de business case? Hoe in praktijk toepassen en simuleren? In samenwerking met Sirris zal de cobot ook life worden getest in enkele pilots.

    DOELGROEP

    Het project richt zich tot logistieke dienstverleners en verladers die te maken hebben met vrij repetitieve taken, Value Added Logistics activiteiten, …

    PRAKTISCH

    Geplande opstart: december 2014

    Totale doorlooptijd: 21 maanden

    Tijdsinvestering deelnemers: 6-tal mandagen (+ 12-tal bij actieve deelname aan praktijktesten)

    BRON(NEN):

    www.vil.be

    MEER INFO:

    Meer weten? Projectfiche ontvangen? Interesse om deel te nemen?

    Contacteer Luc Pleysier (luc.pleysier@vil.be) of Piet Belet (piet.belet@vil.be)