FLANDERS' FOOD RADAR

De jacht op omega-3

Om aan de nog steeds stijgende omega-3-vraag te voldoen, worden nieuwe bronnen gezocht, zoals in algen, kril en planten. Een andere optie is de extractie van visolie uit de bijvangst in de visserij, die binnenkort verplicht verwerkt zal moeten worden. De grootste uitdaging blijft echter om deze vetten te verwerken in levensmiddelen om een alternatief te bieden aan de consumptie van vis.

Op de markt van omega-3-vetten is er naast visolie, al volop algenolie te verkrijgen, gewonnen uit heterotrofe algen en krilolie (marktaandeel van 12%). De vraag naar omega-3-vetten stijgt nog steeds en sneller dan er alternatieven gevonden worden. Vooral de groeiende sector van de aquacultuur en de veevoeding voeren druk op de markt, maar ook binnen de farma en humane voeding stijgt de vraag. Met in ons achterhoofd dat we straks met 9 miljard mensen zijn die allen recht hebben op een volwaardige voeding, dus met een dagelijks aanbevolen omega-3-hoeveelheid, dringt de nood zich op om alternatieven te zoeken voor de consumptie van vis.

Een zee van omega-3-bronnen

In het Europese project BAMMBO worden mariene organismen (van bacteriën, fungi, sponzen tot algen) gescreend op hun potentieel als duurzame producenten van hoogwaardige componenten (vb. omega-3-vetten en antioxidanten). De resultaten van dit project worden op 20 maart 2013 op een open vergadering in Gent publiek gemaakt. Naast de exploratie van de bronnen dient er dan wel nog een extractieproces op punt gesteld te worden, wat niet altijd een evidentie blijkt te zijn (cfr. het Flanders’ FOOD project OMEGA-OIL en het komend vervolgproject OMEGA-EXTRACT).

Daarnaast  biedt de bijvangst in de visserij ook potentieel in de toekomst voor de extractie van visolie. Vorige week hebben de Europese leiders een akkoord bereikt over een ommekeer in het gemeenschappelijk visserijbeleid. Op dit moment wordt er veel vis teruggegooid in zee. Voor iedere kilo vis die nu aan land wordt gebracht, gaat er 1,5 tot 2,5 kilo als ongewenste bijvangst overboord. Dat is vooral vis die niet verkocht kan worden of waarvoor de visser geen quotum heeft. Bijna alle teruggegooide vis sterft. Deze praktijk moet de komende jaren worden teruggedrongen door bijvoorbeeld beter vistuig waardoor er minder bijvangst wordt bovengehaald. De bijvangst die dan toch nog in de netten belandt, moet aan wal worden gebracht. Daar kan het dan worden verwerkt tot bijvoorbeeld vismeel en visolie.

Is de ene omega-3-vorm beter dan de andere?

Van krilolie, dat rijk is aan omega-3-fosfolipiden wordt beweerd dat deze beter biobeschikbaar zijn dan de omega-3-triglyceriden in visolie. De consument denkt er alvast het zijne over. Krilolie-leveranciers zagen hun verkoopscijfers significant stijgen het afgelopen jaar, ondanks dat het product duurder is dan de klassieke visoliecapsules.

Op dit moment zijn slechts 3 wetenschappelijke studies bekend waar een vergelijking gemaakt werd tussen 2 groepen mensen. Tussen de groep mensen die visoliecapsules kreeg en de groep die kriloliecapsules kreeg, kon geen statistisch verschil aangetoond worden, hoewel er een lichte trend is in het voordeel van krilolie. Dierproeven tonen wel aan dat omega-3-fosfolipiden veel sneller ingebouwd worden in weefsels, zoals in rode bloedlichaampjes. Meer info omtrent deze discussie vindt u in deze publicatie “Marine omega-3 phospholipids: Metabolism and Biological Actions, by L. Burri et al.” 

Visalternatieven

Analoog aan vleesalternatieven, die vegetariërs plantaardige eiwitten bieden i.p.v. dierlijke, kunnen visalternatieven een bron zijn van de essentiële langketen-omega-3-vetten. Vis is tot op vandaag de belangrijkste bron van deze vetten voor de consument. Het inbouwen van deze vetzuren in andere levensmiddelen is echter een heuse uitdaging. Omega-3-vetten zijn zeer gevoelig voor oxidatie en geven daardoor zeer snel aanleiding tot off-flavours. Microencapsulatie, waarbij de gevoelige ingrediënten beschermd worden door een laagje, vormen een eerste mogelijke oplossing om omega-3-vetten te verwerken in verschillende voedingsmatrices. Maar door het toevoegen van een laagje rondom worden ook andere ingrediënten toegevoegd zoals eiwitten en polysacchariden met mogelijks een invloed op textuur, aroma en smaak van het eindproduct. Volgens Els De Hoog van het NIZO zijn het net de interacties tussen smaak en textuur die interessante opportuniteiten bieden, als een alternatief voor microencapsulatie. Bijvoorbeeld, door de omega-3-vetten te incorporeren in een gel en door te spelen met de gelsterkte, kan de mate waarin smaak wordt vrijgegeven aangepast worden. Een sterkere gel zal dus minder smaak- en aromacomponenten vrijgeven, waardoor ook de off-flavours minder snel geproefd zullen worden. 

Referenties

Nuttige links